Kasteel Museum Sypesteyn ontvangt uniek 18e-eeuws servies

vrijdag 1 maart 2019

Kasteel Museum Sypesteyn is vanaf vandaag een bijzonder servies rijker. Het betreft een 131- delig Rozenservies van Loosdrechts porselein; het witte goud uit de porselein fabriek van Joannes de Mol die in 1782 failliet ging. Het 18-eeuwse Loosdrechts servies is zeer zeldzaam en dreigde in het depot van de gemeente Hilversum te verdwijnen.

Sypesteyn ontving het servies van de steunstichting Goois Museum die het in 1986 met steun van de Vereniging Rembrandt van mevrouw J.C.A. Barones van Hogendorp, douairière jhr. mr. H.A.M. van Asch van Wijck aankocht. De stichting is bij de sluiting van het Goois museum in 2004 opgeheven. Ed van Mensch is de vereffenaar en schenkt het bijzondere servies namens deze stichting aan Kasteel Museum Sypesteyn. Hierdoor wordt het servies na lange tijd weer zichtbaar voor publiek.

Het servies is rijkversierd met rocaille ornamenten, decoraties in goud, geschilderde bladslingers en takjes met rozen. De knoppen op de deksels zijn plastisch uitgewerkt als veelkleurige bloemstillevens. Conservator Rik van Wegen van Kasteel Museum Sypesteyn heeft een bijzondere tafelpresentatie gemaakt waarop veel onderdelen uit dit 131-delig Rozenservies te bezichtigen zijn. Vanaf 2 maart is het servies voor bezoekers te zien.

Loosdrechts porselein

In 1774 kocht dominee Johannes de Mol een partij klei op uit de kelders van het Muiderslot. Dit materiaal was achtergelaten door de Weesper porseleinfabriek. Toen zijn eerste proefnemingen succesvol bleken, besloot hij een eigen fabriek te beginnen in Oud-Loosdrecht. De porseleinfabriek leverde een zeer grote productie en een enorme variatie aan voorwerpen. Dominee de Mol leverde met zijn porseleinfabriek in Loosdrecht een grote bijdrage om armoede tegen te gaan en economische ontwikkeling in gang te zetten. Door de hoge productiekosten, sterke buitenlandse concurrentie en een te klein afzetgebied deed hij de fabriek in 1782 over aan een aantal Amsterdamse geldschieters, die het bedrijf in 1784 naar Ouder- en vervolgens Nieuwer-Amstel verplaatsten.

Foto @Maarten van Haaff